Rekenen

Breuken vereenvoudigen

Zorg er altijd voor dat je een breuk vereenvoudigt.

Dat betekent dat je de breuk zo klein mogelijk maakt.

Voorbeeldsom

 

 

 

 + 

 

 

 = 

 

 

 

 

8⁄10

 


+

 

7⁄10

=

 15⁄10

 
Stappenplan vereenvoudigen
1
Haal de hele getallen eruit
 

Haal de hele getallen uit de uitkomst.

10⁄10  =  1 hele.

15⁄10  =  1 hele en  5⁄10 .

2
Verklein de teller en noemer
 

Om te weten of je de breuk nog verder kunt vereenvoudigen stel je jezelf de vraag:

"Kan ik de teller en de noemer beide door hetzelfde getal delen?"

In dit geval kun je de teller en noemer van  5⁄10  beide delen door het getal 5.

5⁄10  is gelijk aan 1⁄2 . 
 

 = 
 

3
Bereken de uitkomst
 

Als je stap 1 en stap 2 hebt uitgevoerd dan ziet de som er als volgt uit:
 

8⁄10  +  7⁄10  =  15⁄10  =  1  5⁄10  =  1  1⁄2


Als je de uitkomst niet verder kunt vereenvoudigen, dan heb je het juiste antwoord.