Schrijf de vertrektijd als digitale tijd (minuten)

Klokkijken
Oefening 1
1. De bus vertrekt voor de middag om:
:
2. De bus vertrekt na de middag om:
:
3. De bus vertrekt na de middag om:
:
4. De bus vertrekt na de middag om:
:
5. De bus vertrekt na de middag om:
:
6. De bus vertrekt voor de middag om:
:
7. De bus vertrekt voor de middag om:
:

Schrijf de vertrektijd als digitale tijd (minuten)
| ANTWOORDEN

Klokkijken
Oefening 1
1. De bus vertrekt voor de middag om:
6
:
11
2. De bus vertrekt na de middag om:
23
:
51
3. De bus vertrekt na de middag om:
22
:
00
4. De bus vertrekt na de middag om:
16
:
32
5. De bus vertrekt na de middag om:
23
:
32
6. De bus vertrekt voor de middag om:
3
:
56
7. De bus vertrekt voor de middag om:
10
:
08