Schrijf de vertrektijd als digitale tijd (minuten)

Klokkijken
Oefening 1
1. De bus vertrekt voor de middag om:
:
2. De bus vertrekt voor de middag om:
:
3. De bus vertrekt voor de middag om:
:
4. De bus vertrekt voor de middag om:
:
5. De bus vertrekt na de middag om:
:
6. De bus vertrekt na de middag om:
:
7. De bus vertrekt na de middag om:
:

Schrijf de vertrektijd als digitale tijd (minuten)
| ANTWOORDEN

Klokkijken
Oefening 1
1. De bus vertrekt voor de middag om:
2
:
11
2. De bus vertrekt voor de middag om:
6
:
54
3. De bus vertrekt voor de middag om:
3
:
31
4. De bus vertrekt voor de middag om:
7
:
05
5. De bus vertrekt na de middag om:
17
:
44
6. De bus vertrekt na de middag om:
15
:
59
7. De bus vertrekt na de middag om:
18
:
30