Schrijf de vertrektijd als digitale tijd (minuten)

Klokkijken
Oefening 1
1. De bus vertrekt voor de middag om:
:
2. De bus vertrekt na de middag om:
:
3. De bus vertrekt na de middag om:
:
4. De bus vertrekt na de middag om:
:
5. De bus vertrekt voor de middag om:
:
6. De bus vertrekt na de middag om:
:
7. De bus vertrekt na de middag om:
:

Schrijf de vertrektijd als digitale tijd (minuten)
| ANTWOORDEN

Klokkijken
Oefening 1
1. De bus vertrekt voor de middag om:
4
:
55
2. De bus vertrekt na de middag om:
18
:
11
3. De bus vertrekt na de middag om:
15
:
40
4. De bus vertrekt na de middag om:
20
:
17
5. De bus vertrekt voor de middag om:
6
:
22
6. De bus vertrekt na de middag om:
18
:
47
7. De bus vertrekt na de middag om:
17
:
58