Schrijf de vertrektijd als digitale tijd (minuten)

Klokkijken
Oefening 1
1. De bus vertrekt na de middag om:
:
2. De bus vertrekt voor de middag om:
:
3. De bus vertrekt na de middag om:
:
4. De bus vertrekt voor de middag om:
:
5. De bus vertrekt na de middag om:
:
6. De bus vertrekt na de middag om:
:
7. De bus vertrekt voor de middag om:
:

Schrijf de vertrektijd als digitale tijd (minuten)
| ANTWOORDEN

Klokkijken
Oefening 1
1. De bus vertrekt na de middag om:
14
:
45
2. De bus vertrekt voor de middag om:
1
:
25
3. De bus vertrekt na de middag om:
14
:
58
4. De bus vertrekt voor de middag om:
5
:
02
5. De bus vertrekt na de middag om:
22
:
52
6. De bus vertrekt na de middag om:
19
:
33
7. De bus vertrekt voor de middag om:
7
:
12