Schrijf de vertrektijd als digitale tijd (minuten)

Klokkijken
Oefening 1
1. De bus vertrekt na de middag om:
:
2. De bus vertrekt na de middag om:
:
3. De bus vertrekt voor de middag om:
:
4. De bus vertrekt voor de middag om:
:
5. De bus vertrekt voor de middag om:
:
6. De bus vertrekt na de middag om:
:
7. De bus vertrekt voor de middag om:
:

Schrijf de vertrektijd als digitale tijd (minuten)
| ANTWOORDEN

Klokkijken
Oefening 1
1. De bus vertrekt na de middag om:
17
:
15
2. De bus vertrekt na de middag om:
23
:
20
3. De bus vertrekt voor de middag om:
3
:
37
4. De bus vertrekt voor de middag om:
2
:
13
5. De bus vertrekt voor de middag om:
6
:
25
6. De bus vertrekt na de middag om:
17
:
21
7. De bus vertrekt voor de middag om:
3
:
02