Rekenen Getallen Basisbewerkingen Optellen Erbijsommen tm 100 Cijferend optellen tm 100 Wat is cijferend rekenen?

Wat is cijferend rekenen?

Erbijsommen met grotere getallen kun je uitrekenen met behulp van verschillende strategie├źn. Het kolomsgewijs rekenen en het cijferend rekenen zijn veelgebruikte manieren. In dit artikel lees je hoe je cijferend kunt optellen. Wil je weten hoe je kolomsgewijs kunt rekenen? Lees dan het uitlegartikel over 'Wat is kolomsgewijs rekenen?'.
 

Voorbeeld

Schat, cijferend rekenen, piraat, optellen, erbijsommen

Een piraat had zelf 23 munten. Toen vond hij in een schatkist nog eens 149 munten!

Hoeveel munten heeft de piraat in totaal?

 

 
Stappenplan
1
Noteer de som cijferend
 

Noteer de getallen onder elkaar. Het is handig om de letters van de waarde van de getallen erbij te zetten: H = honderdtallen, T = tientallen, E = eenheden. Hieronder zie je hoe je deze voorbeeldsom onder elkaar noteert.

2
Tel de eenheden bij elkaar op
 

Bij het cijferend rekenen begin je aan de rechterkant, bij de eenheden. Deze tel je als eerste bij elkaar op. 



Je maakt eerst de som: 9 + 3 = 12. Het getal 12 bestaat uit 2 eenheden en 1 tiental. Je ziet in de afbeelding dat dit ook op deze manier genoteerd word. De 2 blijft onder de eenheden en de 1 wordt klein genoteerd bij de tientallen. Deze tel je straks bij de tientallen mee.

3
Tel de tientallen bij elkaar op
 

Tel daarna de tientallen bij elkaar op. 



In deze afbeelding zie je de tientallen en maak je de som: 1 + 4 + 2 = 7. Omdat de getallen vallen onder de tientallen is de eigenlijke som: 10 + 40 + 20 = 70. Het is belangrijk dat je dit weet, ookal hoef je dit niet zo te noteren.

4
Tel de honderdtallen bij elkaar op
 

Tel als laatste de honderdtallen bij elkaar op. 



In dit geval is er maar 1 honderdtal en hoef je er geen honderdtal bij op te tellen.

5
Uitkomst
 



Je hebt nu de uitkomst van de som berekend. 149 + 23 = 172. De piraat heeft dus in totaal 172 munten.

 

Cijferend rekenen
  • Bij cijferend rekenen noteer je de getallen onder elkaar. 
  • Honderdtallen, tientallen en eenheden noteer je boven de getallen.
  • Tel eerst de eenheden bij elkaar op, dan de tientallen, honderdtallen en duizendtallen.
  • Cijferend rekenen lijkt op kolomsgewijs rekenen. Bij het cijferend rekenen begin je aan de rechterkant, bij de eenheden (kleinste getal). Bij het kolomsgewijs rekenen begin je aan de linkerkant (grootste getal).
  • Cijferend rekenen is handig bij sommen met grote getallen. 

 

Oefenen met het optellen tot en met 100

1  
1  
1